De onrechtmatige daad – door Sabrina Akloe

In het aansprakelijkheidsrecht bestaat een onderscheid tussen aansprakelijkheid op grond van een overeenkomst (contractuele aansprakelijkheid) en aansprakelijkheid zónder de aanwezigheid van een overeenkomst (buitencontractuele aansprakelijkheid). In dat laatste geval wordt meestal gesproken van een onrechtmatige daad.

Contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid
Bij contractuele aansprakelijkheid is er altijd sprake van een contractuele relatie tussen partijen op basis van een overeenkomst. Wanneer de afspraken in de overeenkomst niet worden nageleefd en dit schade veroorzaakt, dan kan de schadelijdende partij de andere partij aanspreken op grond van een wanprestatie om de schade vergoed te krijgen.

Bij buitencontractuele aansprakelijkheid is er juist geen overeenkomst gesloten tussen partijen, maar lijdt de ene partij wel schade door het toedoen van de andere partij. In dit geval kan de schadelijdende partij de andere partij aanspreken op grond van een buitencontractuele aansprakelijkheid: de onrechtmatige daad. Deze vorm van buitencontractuele aansprakelijkheid komt in de praktijk het meest voor.

De onrechtmatige daad
Onder een onrechtmatige daad wordt verstaan: een inbreuk op een recht en een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht of met de maatschappelijke betamelijkheid.

U kunt hierbij denken aan een kind dat een ruit intrapt met een voetbal (doen), maar ook aan het niet goed ophangen van een bloembak aan uw balkon waardoor deze naar beneden valt en schade aanricht (nalaten). Of een gebeurtenis wordt aangemerkt als onrechtmatige daad verschilt per geval omdat er moet worden voldaan aan een aantal vereisten.

1. Ten eerste moet er een gedraging zijn welke onrechtmatig is. Deze gedraging moet een inbreuk maken op een persoonlijk recht (zoals bijvoorbeeld het eigendomsrecht) of in strijd zijn met een wet of de maatschappelijke zorgvuldigheid.

2. Ten tweede moet de onrechtmatige gedraging toerekenbaar zijn aan de dader. Dit wil zeggen dat de dader verantwoordelijk is voor de daad.

3. Ten derde moet er schade zijn als gevolg van de onrechtmatige daad: het causaal verband. De schade zou niet zijn ontstaan zonder de gedraging.

4. Tot slot moet de geschonden norm bescherming bieden tegen de schade: het relativiteitsvereiste. Een persoon kan zich niet beroepen op een norm wanneer deze norm niet strekt tot het beschermen van de belangen van deze persoon.

Wanneer wordt voldaan aan bovenstaande criteria en er geen rechtvaardigingsgronden kunnen worden ingeroepen die de onrechtmatigheid van de gedraging weghalen, kan de andere partij aansprakelijk worden gesteld op grond van een onrechtmatige daad. Er kan nu om schadevergoeding worden gevraagd bij de rechter. Echter, wanneer er sprake is van eigen schuld, dan zal dit meewegen in de hoogte van de schadevergoeding.

Rechtswinkel Eindhoven en COVID-19
Vraagt u zich af wanneer precies sprake is van een onrechtmatige daad? Onze adviseurs helpen u graag verder.

In verband met de corona-maatregelen kunt u onze vaste spreekuren op de dinsdag- en donderdagavond enkel op afspraak bezoeken. Voor meer informatie over het maken van een afspraak klik hier.

In aanvulling op de spreekuren op afspraak blijft onze online procedure ook tijdelijk nog van kracht. Voor meer informatie over deze online procedure klik hier.

Nieuws van Rechtswinkel Eindhoven

Onze subsidieverleners